Share

Onwetendheid mexicaanse griep

03-07-2009 08:20, Edwin Swart, 989 views

Onwetendheid mexicaanse griep

Nederlanders hebben weinig angst voor Mexicaanse griep. Zo bleek uit onderzoek dat er opvallend veel gelijkenissen zijn met de onwetendheid van mensen in de 16e en 17e eeuw over de pest.
Ruim 23% van de ondervraagden denkt de griep op te lopen door op vakantie naar Mexico te gaan. Bijna 12% denkt dat het eten van varkensvlees een verhoogd risico met zich meebrengt en 16% vermoedt dat de griep zich vooral door seksueel contact verspreidt.

Slechts 49% antwoord als eerste dat het om een virus gaat, dat bijvoorbeeld door niezen kan worden overgebracht. De besmetting met griep, en dus ook deze griep, gebeurt hoofdzakelijk door met virus besmet slijm; door druppeltjes in de lucht van een hoestende of niezende patiënt en via besmette deurknoppen en andere oppervlakken.

The Amsterdam Dungeon deed onderzoek onder ruim 460 bezoekers en vroeg wat mensen nu eigenlijk weten over de Mexicaanse griep. De resultaten tonen opvallend veel gelijkenissen met de onwetendheid van mensen in de 16e en 17e eeuw over de pest.

In de 16e en 17e eeuw heeft men lange tijd gedacht dat de pest werd verspreid door 'bedorven en besmette lucht'. In de straten brandde men tonnen met pek en soms ook kruiden. De rook moest de besmette lucht verdrijven. De echte verwekker, de bacterie Yersinia pestis, wordt overgebracht door vlooien van ratten op mensen: een vlo die eerst besmet bloed zuigt, en daarna een mens bijt, brengt daarmee de bacterie over.

Welke maatregelen neemt u zelf om besmetting te voorkomen?

Bezoekers van the Amsterdam Dungeon denken zeer verschillend over het zelf nemen van maatregelen tegen het virus. Ruim 44% denkt er niet over na en ziet het vanzelf wel. Een kleine 4% heeft een mondkapje in huis voor het geval dat het virus zich in Nederland sneller verspreid of gebruikt deze voor de vliegreis naar de vakantiebestemming.

Bijna 29% zegt gewoon gezond te eten slikt af en toe een vitaminepil meer om minder vatbaar te zijn. De overige ondervraagden vermijden vooral lichamelijk contact met ‘vreemde' mensen en zullen extra op hun hoede zijn als er iemand met deze ziekte in hun eigen omgeving opduikt.

Om een grotere epidemie te voorkomen werden in de 16e eeuw veel verschillende en tevergeefse maatregelen aangekondigd. Zo moest er in Amsterdam aan elk huis waar iemand aan de pest overleden was, zes weken lang een bos stro worden gehangen. Op die manier konden voorbijgangers zien dat in dat huis pest heerste en het huis mijden. Ook werden producten als pruimen, spinazie en komkommers verboden, omdat men dacht dat de besmetting daarop het meest hechtte.

Later werden pestlijders ondergebracht in zogenaamde pesthuizen die zich bevonden buiten de stad. De pestlijders werden verzorgd door een pestmeester, ook wel snaveldokter genoemd. Een pestmeester droeg een lange jas en een masker dat leek op een pinguïnsnavel. Dit masker was gevuld met kruiden (o.a. jeneverbessen en het boerenwormkruid) om de kwade dampen tegen te gaan. Dit hielp natuurlijk niet. Na de verdringing van de zwarte rat door de bruine rat, kwam er in West-Europa pas rond 1670 een einde aan deze ziekte.

De top 5 beschermingsmaatregelen voor thuisblijvers en vakantiegangers :

Was regelmatig je handen met antibacteriële zeep

Houd je leefomgeving schoon

Zorg dat je verblijft in goed geventileerde ruimten

Het dragen van een mondmasker voorkomt een druppelinfectie

Gebruik alleen wegwerpzakdoeken

rivm.nl